Mensvisie

MENS

In Ps. 8:5 vraagt David:

Wat is de mens, dat Gij zijner ge­denkt, en het mensen­kind, dat Gij naar hem omziet?

In deze psalm is David onder de indruk van Gods machtige schepping en wel in het bijzon­der van de ster­renhe­mel. Hij vraagt eigenlijk: Welke plaats heeft nu die nietige mens in die schepping? In feite geeft hij zelf al het antwoord: hij is bijna goddelijk gemaakt. De mens heeft dus een zeer hoge plaats in de schep­ping. De bijbelse mensvisie ziet de mens derhalve als zeer waardevol. Dat blijkt trouwens niet alleen uit dit bijbelge­deelte maar uit de hele Bijbel. Helaas worden (en werden) de bijbelse waarheden door de meeste mensen niet gekend of aan­vaard en dit is de reden dat men zich aftobt met vragen als: Wie ben ik eigen­lijk en wat is de zin van mijn bestaan?  Buiten de bijbelse openba­ring zijn er op deze vragen eigenlijk geen zinnige ant­woorden mogelijk alhoewel dit natuur­lijk wel geprobeerd is.

Deze studie werd omstreeks 1995 geschreven voor het kader van de Pinkstergemeente Morgenstond te Zoetermeer.

Scroll naar boven